Hoe beperkt u belastingrente over uw aanslag vennootschapsbelasting?


29 januari 2020
Categorie: Economie

Gezien de belastingrente voor de vennootschapsbelasting van 8% is het van belang om kritisch te kijken naar uw voorlopige aanslagen over de afgelopen jaren. Daarmee kunt u voorkomen dat de Belastingdienst u deze hoge rente in rekening brengt of de termijn beperkt waarover belastingrente in rekening wordt gebracht. Is over het jaar 2019 nog geen voorlopige aanslag opgelegd of wel een voorlopige aanslag opgelegd en is de huidige inschatting dat deze aanslag te laag is? Dan moet u uiterlijk op 30 april 2020 actie ondernemen om belastingrente te voorkomen.

 

Belastingrente is een vergoeding aan of van de overheid voor gemiste rente. Als sprake is van een te betalen bedrag, kan rente verschuldigd zijn. Is sprake van een teruggaaf, dan kunt u onder (zeer strikte) voorwaarden een rentevergoeding ontvangen.

 

Wat is het percentage?
Het minimumpercentage voor de belastingrente is 8% voor de vennootschapsbelasting en 4% voor onder andere de inkomstenbelasting, erfbelasting, loonbelasting en omzetbelasting. In dit bericht gaan wij uitsluitend in op de vennootschapsbelasting. Het belastingrentepercentage voor de vennootschapsbelasting is gebaseerd op de wettelijke rente voor handelstransacties en voor de overige belastingen is deze gebaseerd op de wettelijke rente voor niethandelstransacties. De wettelijke rente voor handelstransacties bedraagt op dit moment 8,00%. De belastingrente voor de vennootschapsbelasting bedraagt thans daarom 8,00%. Per 1 juli 2020 zal De Nederlandsche Bank (DNB) opnieuw de wettelijke rente bij besluit vaststellen.

 

Over welke periode is belastingrente verschuldigd?
De hoofdregel is dat belastingrente wordt berekend indien 6 maanden zijn verstreken na afloop van het
belastingjaar. Als het boekjaar gelijk is aan het kalenderjaar, betekent dit voor 2019 dat de berekening van belastingrente aanvangt op 1 juli 2020. Voor 2020 geldt 1 juli 2021 als startdatum voor de berekening
van belastingrente. Voorts geldt dat de renteberekening stopt:
– 19 weken nadat de Belastingdienst de aangifte heeft ontvangen; of
– 14 weken nadat de Belastingdienst een verzoek tot opleggen of aanpassen van een voorlopige aanslag heeft ontvangen.

 

Hoe wordt zoveel mogelijk voorkomen dat belastingrente wordt verschuldigd indien sprake is van een te betalen bedrag?
Geen aangifte gedaan en geen voorlopige aanslag (te betalen bedrag aan belasting)


Jaren tot en met 2018

Dien de aangifte zo snel mogelijk in of als dat nog niet mogelijk is, dien een verzoek tot het opleggen van een voorlopige aanslag in dat zoveel mogelijk overeenkomt met de (nog op te stellen) aangifte. Immers, na het verstrijken van een periode van 6 maanden na afloop van het belastingjaar is belastingrente verschuldigd.

 

2019
Indien nog geen aanslag over 2019 is opgelegd, dient vóór 1 mei 2020 een verzoek tot het vaststellen van een voorlopige aanslag te worden ingediend. Er is dan (behoudens eventuele latere verhogingen van het belastbaar bedrag) geen belastingrente verschuldigd. Hierbij gaan we ervan uit dat het boekjaar gelijk is aan het kalenderjaar. Heeft u een gebroken boekjaar? Dan moet u binnen 4 maanden na afloop van het boekjaar het verzoek indienen. Voorlopige aanslag naar een te laag of te hoog bedrag. Bij een te hoge aanslag adviseren wij u actie te ondernemen, omdat u de liquiditeiten waarschijnlijk liever in de vennootschap beschikbaar heeft. Bij een te lage aanslag over 2019 (of eerdere jaren) is vanuit het oogpunt van (thans) 8,00% belastingrente ook actie vereist. Indien het boekjaar gelijk is aan het kalenderjaar, betekent dit voor 2019 dat vóór 1 mei 2020 een herzieningsverzoek ingediend moet worden. Heeft u een gebroken boekjaar? Dan moet u binnen 4 maanden na afloop van het boekjaar een herzieningsverzoek indienen.

 

2020
Verwacht u over 2020 een hogere winst, dan is het vanuit liquiditeitsperspectief voordelig zo laat mogelijk om verhoging van de voorlopige aanslag vennootschapsbelasting te verzoeken, maar niet zodanig laat dat u tegen belastingrente aanloopt. De wet geeft hiervoor – anders dan in de inkomstenbelasting – geen regels. Het lijkt verdedigbaar om uiterlijk 30 april 2021 om verhoging van de aanslag over 2020 te verzoeken.


Standpunten of discussiepunten in een aangifte vennootschapsbelasting

Het belastingrentepercentage is dermate hoog dat bij het innemen van een standpunt of bij het voeren van een discussie over een ingediende aangifte, dit aspect mee dient te wegen in de besluitvorming ten
aanzien van bezwaar of beroep. Neem in dit soort gevallen contact op met uw belastingadviseur.

 

Overige aandachtspunten
De wet kent een antimisbruikmaatregel ten aanzien van het verzoek tot opleggen of herzien van een voorlopige aanslag. In theorie kunnen ook goedwillende belastingplichtigen hiermee worden geconfronteerd, hoewel wij van mening zijn dat deze maatregel niet daarvoor is bedoeld. Er kan een boete worden opgelegd als opzettelijk onjuiste of onvolledige gegevens en inlichtingen worden verstrekt in een verzoek tot het opleggen van een aanslag of herziening van een aanslag. De boete bedraagt ten hoogste 100% van het bedrag aan belasting dat als gevolg van de onjuiste inlichtingen of gegevens ten onrechte is of zou zijn teruggegeven of niet is of niet zou zijn betaald. Ter voorkoming hiervan adviseren wij voor ieder verzoek tot het opleggen van een aanslag dan wel aanpassen van een reeds opgelegde aanslag, vast te leggen op welke wijze de verwachte winst is begroot c.q. geschat.

 

Samenvatting
Als de Belastingdienst een te hoge voorlopige aanslag vennootschapsbelasting heeft vastgesteld, adviseren wij u om actie te ondernemen. Vraag adviseur om elektronisch een verzoek tot aanpassing van deze aanslag in te dienen. Indien over de jaren tot en met 2018 een te lage aanslag is opgelegd, is onmiddellijk actie vereist teneinde de te betalen belastingrente zoveel mogelijk te beperken. Voor een te lage aanslag vennootschapsbelasting 2019 adviseren wij u vóór 1 mei 2020 een elektronisch verzoek tot aanpassing hiervan in te laten dienen. Behoudens eventuele latere verhogingen van het belastbare bedrag is dan geen belastingrente verschuldigd. Is de aanslag vennootschapsbelasting 2020 te laag vastgesteld, dan is het vanuit liquiditeitsperspectief voordeliger om uiterlijk 30 april 2021 om een verhoging te verzoeken.

 

Bron: BDO (nieuwsbrief 29 januari 2020)